The Twelve Days of Christmas

De twaalf dagen van kerst, dat is de tijd tussen kerstavond en Driekoningen, van 25 december t/m 5 januari. In sommige landen is dit ook de tijd dat de kerstboom in huis staat. In het Duits wordt deze tijd “zwischen den Jahren” of “Rauhnächte” genoemd, in het Engels zijn het de “Twelve days of Christmas”.

Dit is tevens de titel van een bekend Engels kerstliedje:

On the first day of Christmas
my true love sent to me:
A partridge in a pear tree

On the second day of Christmas
my true love sent to me:
two turtle doves
and a partridge in a pear tree

….

On the twelfth day of Christmas
my true love sent to me:
twelve drummers drumming
eleven pipers piping
ten lords a-leaping
nine ladies dancing
eight maids a-milking
seven swans a-swimming
six geese a-laying
five gold rings
four calling birds
three French hens
two turtle doves
and a partridge in a pear tree

Het liedje wordt meestal gewoon als een telrijmpje voor kinderen gezien, maar er is ook een theorie dat het heel symbolisch is en over het Christendom gaat: Zo is de patrijs in de perenboom Jezus, de twee tortelduiven staan symbool voor het Oude en het Nieuwe Testament en de drie Franse kippen voor de drie deugden geloof, hoop en liefde. De vier vogels zijn de evangelisten, de vijf gouden ringen de vijf boeken van de Thora, de zes ganzen de zes dagen van de schepping en de zeven zwanen de zeven giften van de Heilige Geest. De melkende meiden staan voor de acht zaligverklaringen (zalig zijn de armen van geest etc.), de dansende dames voor de negen vruchten van de Heilige Geest, en de tien springende heren voor de tien geboden. Tot slot zijn er nog de elf fluit- of doedelzakspelers als de elf getrouwe apostelen (dus niet Judas) en de twaalf drummers staan symbool voor de twaalf doctrines van het geloofsbelijdenis.

Uiteraard kun je het hele verhaal ook letterlijk opvatten, zoals de hilarische correspondentie van ontvangster van al die cadeautjes aan haar “true love” laat zien. Aan het begin is zij nog enthousiast, maar ze raakt steeds geïrriteerder naarmate de dieren en personen steeds talrijker worden. De vogels maken een hoop lawaai en poepen de tuin onder, de dansende dames en heren misdragen zich en de doedelzakken zijn ook niet meer welkom.

En nu wordt het tijd om even achterover te leunen en van de versie met de Muppets en John Denver, die zich trouwens tussen al die poppen behoorlijk op zijn gemak lijkt te voelen, te genieten.

 

 

Ik wens iedereen fijne feestdagen en een goed, gezond en vooral gelukkig 2020. En nu iedereen: On the fist day of Christmas my true love gave to me a partidge in a pear tree.

 

 

Geraadpleegde bronnen:
https://en.wikipedia.org/wiki/Twelve_Days_of_Christmas
https://en.wikipedia.org/wiki/The_Twelve_Days_of_Christmas_%28song%29
https://de.wikipedia.org/wiki/The_Twelve_Days_of_Christmas
http://www.articleseen.com/Article_the-meaning-of-the-twelve-days-of-christmas_119672.aspx

In-company-trainingen: Een taal op de werkvloer leren

Regelmatig word ik gevraagd: Wat is eigenlijk het verschil tussen een in-company-training en een “gewone” groepscursus? Of: Wat voegt het toe?

Bij een groepscursus met open inschrijving (bijvoorbeeld bij taleninstituten, roc’s of volksuniversiteiten) lopen de niveaus en leerwensen vaak uit elkaar. Je zit er dus met cursisten die de taal voor de vakantie of voor de gezelligheid willen leren en anderen die liever de zakelijke kant willen opgaan. En die zijn dan vaak nog van verschillende bedrijven, zodat er altijd een compromis gevonden moet worden.

Nu kun je natuurlijk zeggen dat alles mooi meegenomen is, maar soms is maatwerk toch de betere oplossing, want je leert in redelijk korte tijd precies die dingen die je nodig hebt, en er is altijd de mogelijkheid van eigen inbreng. Een voorbeeld:

Een tijdje geleden heb ik een in-company-training Duits bij Sanders Meubelstad in Oldenzaal gegeven. Omdat deze vestiging vrij dicht bij de grens ligt, komen daar vaak Duitse klanten. Een aantal medewerkers had het gevoel, dat hun woordenschat te klein was en dat de Nederlandse manier van gesprekken voeren niet werkt. Daardoor voelden ze zich onzeker.

In een kennismakingsgesprek met de medewerkers en de leidinggevende hebben wij samen naar het niveau en de behoeften van de deelnemers en de wensen van de bedrijfsleiding gekeken. Het bleek dat er wel niveauverschillen bestonden, maar toch was het handig om één groep te vormen, zodat zij bij de gespreksoefeningen ook van elkaar konden leren.

Tijdens de cursus bleek de grootste drempel inderdaad het aanknopen van een gesprek met de klant te zijn. De vrij directe Nederlandse benadering bleek bij Duitse klanten vaak niet te werken. Samen zochten wij naar de juiste formuleringen om de klanten te begroeten en over koetjes en kalfjes te praten.

in-company Sanders

In de volgende lessen kwamen de verschillende afdelingen aan bod: bankstellen, tafels, bedden etc. en werkten we aan de woordenschat. Ja, ook ik heb hier een hoop geleerd over “Federkern”, “Taschenfederkern”, “Kaltschaum”, “Latex-” en “Viskosematratzen”. Mocht ik een nieuw bankstel nodig hebben, ben ik nu goed geïnformeerd.

in-company Sanders 2

Maar ook de medewerkers gaan de gesprekken nu met meer zelfvertrouwen aan, omdat zij nu beter uit hun woorden kunnen komen. En als ik een keer nieuwe meubels wil kopen, dan willen zij mij graag in het Duits adviseren.

Hartelijk dank aan de cursisten van Sanders Meubelstad voor de toestemming om de foto’s te gebruiken.

Interesse in een in-compay-training? Neem dan contact met mij op.

 

Nee, niet elke Nederlander is goed in Engels (maar dat denken ze allemaal wél van zichzelf)

Ik ben even zo vrij om dit stukje van Jouw Vertaler te rebloggen, want zij verwoordt het heel mooi.

Jouw Vertaler vertelt....

“Oh, ben jij vertaler? Welke talen spreek je dan allemaal? Engels? Echt, kun je daar van leven? Iedereen spreekt toch Engels, daar hebben we tegenwoordig toch geen vertalers meer voor nodig?”klein paars

Zomaar een willekeurig gesprek tijdens een netwerkbijeenkomst, of op een feestje. Ik denk dan altijd twee dingen:

A) Bedankt, al die jaren studie en ervaring, ik spoel ze lekker door de plee!

B) Nee, niet iedereen spreekt (goed) Engels, en al zeker niet op het niveau dat nodig is om goed te kunnen vertalen (bovendien gaat het bij vertalen over geschreven taal, niet over praten).

Het is een veelgehoord verhaal: Nederlanders (ik ken geen enkel ander volk dat zichzelf zó overschat als het gaat om een vreemde taal) die denken dat ze zo goed in Engels zijn dat ze geen taalles, vertaling of tekstrevisie in het Engels nodig hebben. Maar het is een misvatting. Nederlanders kunnen zich verstaanbaar maken…

View original post 304 woorden meer

Veelgestelde vragen: Vakantie – Ferien, Urlaub, holiday, vacation?

De zomervakantie staat voor de deur of is – in mijn geval – al weer voorbij. In het Nederlands heeft iedereen vakantie, maar in het Duits hebben sommigen mensen Ferien  en anderen Urlaub. En in het Engels kom je soms holiday en soms vacation tegen. Wanneer gebruik je nou wat?

Ferien en Urlaub

Toen ik nog klein was en nog niet naar school ging, verbaasde ik me er weleens over dat mijn vader en mijn opa Urlaub hadden, maar mijn oudtante had Ferien. Maar zij was dan ook lerares.

Het woord Ferien is afgeleid van het Latijnse feriea (feestdagen). In Duitsland en Oostenrijk wordt het meestal voor de schoolvakanties gebruikt. Dit betekent dus dat scholieren, studenten en onderwijzend personeel Ferien  hebben, de meeste anderen hebben Urlaub.

Het laatste gaat terug op het Middelhoogduitse woord urloup, dat zoveel betekent als verlof, toestemming. Later veranderde de betekenis in vrijstelling van hat werk en nog later in vrije dagen voor de ontspanning. Daarnaast zijn er ook nog andere varianten van Urlaub, zoals Bildungsurlaub (studieverlof) of Pflegeurlaub (zorgverlof), die je in overleg met de werkgever kunt opnemen.

In Zwitserland wordt in beide gevallen het woord Ferien gebruikt.

Holiday en vacation

In Brits Engels is de vakantie holiday, en de Amerikanen zeggen vacation, meestal in ieder geval.

Het woord holiday is afkomstig van het Oudengelse hāligdæg (heilige dag) en werd gebruikt voor religieuze feestdagen. Nu gebruiken de Briten het voor de vakanties in het algemeen en voor feestdagen.

In het Amerikaans Engels wordt holiday voor religieuze en nationale feestdagen zoals Kerst, Pasen, Onafhankelijkheidsdag etc. gebruikt. Als het over vakanties gaat, dan gaan zij on vacation.

Als je in Groot Britannië onderweg bent, krijg je ook weleens met bank holidays te maken. Deze worden ook public holidays genoemd. De term bank holidays gaat terug naar de dagen die de Bank of England vroeger als feestdagen in acht nam. Op deze dagen waren dus de bankfilialen gesloten.

In ieder geval wens ik iedereen een fijne vakantie, schöne Ferien, einen schönen Urlaub of happy hols!

Trouwens: Tijdens de zomervakantie kunt u ook tijdens de Summer School uw taalkennis opfrissen en na de vakantie gaat in september de Basiscursus Duits van start. Voor meer informatie kijk op www.petra-scheltinga.nl

Geraadpleegde bronnen:
Wikipedia, Ferien
Wikipedia, Urlaub
Wikipedia, Holiday
Wikipadia, Bank Holiday
Phrasemix, vacation and holiday

De luizenmoeder

Hallo allemaal, wat fijn dat jij er bent! Afgelopen zondag werd de laatste aflevering van de populaire serie “De luizenmoeder” uitgezonden. Een mooi moment om terug te kijken, wat deze serie nu zo bijzonder maakte.

De eerste twee afleveringen hadden mijn man en ik gemist, want er komt zo veel op tv, en het meeste is toch niet veel soeps. Maar iedereen had het erover, en dus keken we ze met behulp van de app alsnog en we waren meteen verkocht!

De serie waarvan nu twee seizoenen zijn uitgezonden gaat over het dagelijkse leven op de openbare basisschool De Klimop met de leraren, leerlingen en hun ouders. Alles wordt op een satirische manier op de korrel genomen. Het begint met de soms heel interessante namen van de kinderen. Voorbeelden zijn Youandi, als in You and I, maar dan met een gesproken i aan het einde, of zus en broer Maledief en Filippien. Het meisje is op de Malediven verwekt en de jongen is genoemd naar zijn opa Filip en zijn moeder Pien. Nog vragen? De dochter van protagoniste Hannah heet trouwens gewoon Floor.

Bij de ouders zijn de meest uiteenlopende types vertegenwoordigd: Een van de hoofdrollen is kinderpsychologe Hannah, die altijd het overzicht kwijt is en moeilijk nee kan zeggen. Waarschijnlijk is zij daarom in het tweede seizoen naast haar oorspronkelijke functie als luizenmoeder ook klassenmoeder geworden. De prestaties en de ontwikkeling van haar kind bekijkt zij weldadig nuchter. Dan heb je de neurotische Ursula, type “aso, maar wel met geld”. Zij vindt een heleboel dingen vies en walgelijk en vloekt dat het een lieve lust is. Vader Karel is ervan overtuigd dat zijn kinderen hoogbegaafd zijn en dat de docenten hun tekort doen. De kijker heeft het algauw met de leerkrachten te doen.

De twee juffen van groep drie en groep zeven (later vier en acht) kunnen verschillender niet zijn. Juf Helma gaat binnenkort met pensioen, heeft veel ervaring en een uitgesproken mening. Haar manier van lesgeven is soms wat onorthodox, haar opmerkingen kurkdroog. Op haar rookgedrag voor de klas aangesproken zegt zij bijvoorbeeld: “De kinderen zijn nu twaalf, die roken straks zelf ook als het goed is.” Juf Ank is duidelijk jonger en een beetje een controlefreak, die aan regels en afspraken hecht: “Vandaag is er maar een jarig, en dat is Jasper.” Zij begint steevast haar les met een liedje, tot ongenoegen van Juf Helma. Actrice Ilse Warringa kan heel mooi zingen, maar in de serie doet ze het net niet. Meester Anton, de directeur, beleeft kinderlijk plezier aan flauwe grappen, probeert steeds weer iets nieuws uit dat dan weer misgaat. Legendarisch de “Participizza”, waarmee de ouders overgehaald moeten worden om zich meer voor de school in te zetten, of de voorleesavond met een BN’er die niemand kent. Mijn favoriet is “Winterklaas”, het politiek correcte antwoord op Sinterklaas en de Zwarte-Pieten-discussie. Zijn rechterhand is vrijwilligster Nancy, die soms over zich heen laat lopen, dan weer spiritueel bezig is, soms mensen tegen elkaar uitspeelt en iedereen op de zenuwen werkt. In deze mierenhoop is conciërge Volkert, ex-soldaat met een oorlogstrauma, nog het meest normaal.

Er wordt soms beweerd dat de serie zo heerlijk politiek incorrect is. Maar zo is het niet helemaal. Voorbeelden: Rianne, een door twee mannen geadopteerd meisje (volgens Ank vinden we dat niet raar, dat vinden we alleen maar heel bijzonder) komt uit Azië. Ank spreekt haar eerst als Lianne aan en refereert dan aan haar als “het meisje met de oogjes”. Riannes Vader Kenneth komt te laat op de ouderavond en wordt vanwege zijn donkere huidskleur voor schoonmaker aangezien. Het is wel grappig, maar toch heb je het gevoel dat dit soort dingen eigenlijk niet meer kunnen. En toch gebeurt het regelmatig in het dagelijks leven.

Wat ik heel mooi vind is dat alle hoofdpersonages de nodige bagage met zich meedragen, wat ze meer diepte geeft. Zo probeert Anks (inmiddels ex-) man Bert zichzelf te vinden en stuurt haar regelmatig foto’s van zichzelf  in gezelschap van schaars geklede meiden op zonovergoten stranden. Kom op, hoe zielig is dit? Maar daardoor komt Ank tijdens het tienminutengesprek op voor Hannah en Floor en wijst Hannahs ex-man op zijn ongepast gedrag ten opzichte van Hannah. Ook neemt zij het op voor de kinderen die van hun ouders te veel onder druk worden gezet: “Als je wilt dat je kinderen opklimmen, moet je er vooral niet bovenop zitten.” Helma heeft een broer met een psychose, die soms zijn medicijnen vergeet en dan weer eens zoek is, en Antons moeder is zwaar ziek en overlijdt in het tweede seizoen.

Veel van de situaties zijn heel herkenbaar en houden ons allemaal die spiegel voor. Natuurlijk loopt het Sinterklaasfeest volledig uit de hand, maar het zijn niet de kinderen, maar de volwassenen die het voor iedereen verzieken. En een kennis van ons zei een keer: “Ik durf al niet meer te zwaaien”, nadat Ank maatregelen heeft genomen tegen ouders die hun kinderen naar het klaslokaal brengen en dan nog lang voor het raam blijven staan. Ik den dat veel juffen en meesters hiervoor dankbaar zullen zijn.

De finale was het afscheid van Juf Helma, die met pensioen gaat: een koninklijk feest met het Koningslied zoals het in 2013 had moeten zijn.  Ank met opgeheven vinger: “De dag waarvan je wist dat die zou komen…” Maar geniet er zelf van.

Er zijn maar twee seizoenen gepland, en hoewel sommige mensen vinden dat ze door moeten gaan, vind ik het een verstandige keuze. Want Juf Helma is nu met pensioen, en zoals ze het zelf zou zeggen: Zonder haat is er geen reet meer aan.

Oud en Nieuw op z’n Nederlands: De oudejaarsconference

Zoals in Duitsland bestaan er ook in Nederland tal van tradities om het oude jaar uit te zwaaien en het nieuwe jaar in te luiden. Dit stukje zal echter niet over het vuurwerk (legaal en illegaal) met alle gevolgen van dien gaan, want daar word ik niet vrolijk van. Nee, vandaag heb ik het over de oudejaarsconference.

De eerste “moderne” oudejaarsconference, “Nou, je weet wa’k bedoel” van Wim Kan werd in 1954 op de radio uitgezonden. Maar volgens diverse bronnen (ik citeer hier hier de pagina IsGeschiedenis) gaat dit fenomeen al terug naar de 18e eeuw:

Hoewel de eerste officiële oudejaarsconference dus in 1954 werd gehouden zijn de conferences geen typisch modern fenomeen. Al sinds het begin van de 18e eeuw werd het toneelstuk Gijsbrecht van Amstel van Joost van den Vondel eind december steevast gevolgd door de klucht De bruiloft van Kloris en Roosje. Deze komedie werd achter het treurspel Gijsbrecht van Amstel opgevoerd om het publiek niet al te droevig naar huis terug te laten keren. In De bruiloft van Kloris en Roosje zat een nieuwjaarswens die altijd vooraf werd gegaan door een passage waarin humoristisch werd teruggeblikt op het afgelopen jaar. Dit stuk wordt hierdoor vaak gezien als de voorloper van de moderne oudejaarsconferences.”

De eerste oudejaarsconference die ik meemaakte was “De estafette” van Freek de Jonge in 1992. Ik was toen op bezoek bij mijn vriend (inmiddels al heel lang mijn echtgenoot), en mijn Nederlands reikte niet veel verder dan “goedemiddag”, “alsjeblieft” en “dankjewel”. Vraag me dus niet waar het over ging, maar het fenomeen op zich vond ik wel interessant.

Later zouden er nog een paar volgen, en hoewel mijn Nederlands inmiddels stukken beter was, werd ik er niet veel wijzer van. Omdat ik nog met mijn studie en Duitsland bezig was en maar een paar keer per jaar in Nederland op bezoek kwam, was ik nauwelijks op de hoogte van al die gebeurtenissen waaraan gerefereerd werd. Zo’n avond was dan ook telkens een zware beproeving voor mij. Mijn vrienden lagen dubbel van het lachen, maar er was geen tijd om aan mij uit te leggen, wat er nou zo grappig was, want het programma liep natuurlijk gewoon door.

Toen ik 1997 naar Nederland verhuisd was, vonden mijn man en ik een oplossing: opnemen en in stukjes kijken. Dit deden we ook met andere cabaretprogramma’s, zodat ik gaandeweg de Nederlandse taal en haar nuances steeds meer onder de knie kreeg.

Natuurlijk heb ik niet alle conferences gezien, want soms zijn wij met Oud en Nieuw ergens anders, maar een paar zijn mij bijgebleven. Een daarvan is “Onderbewust” van Jan Jaap van der Wal in 2007. Hij was toen nog geen 30, en ik was onder de indruk hoe hij de dingen steeds in een breder context plaatste. Hij moest toen al een hoop gelezen hebben. De conference “Troost” van Youp van ’t Hek vond ik toen vrij zeurderig en negatief, zijn “2e viool” drie jaar later viel bij mij meer in de smaak. En dan uiteraard Herman Finkers met zijn heerlijke gortdroge humor in 2015 en de op een verzoenlijke manier tot nadenken stemmende conference van Claudia de Breij in 2016.

En wat moet ik zeggen over Marc-Marie Huibregts vorig jaar? Hoewel ik hem een beetje vermoeiend vind en dus het ergste vreesde, was ik behoorlijk diep geraakt. Het verhaal over zijn fietsongeluk dat hem een gescheurde hamstring en een hele tijd op de bank opleverde kan ik bijna letterlijk overnemen. Mijn fietsongeluk begin 2018 resulteerde weliswaar in een gebroken enkel, maar het gaat om het idee en het gevoel. Eindelijk ging televisie een keer ook over mij.

Geraadpleegde bronnen:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Oudejaarsconference

https://www.kijkbijons.nl/oud-en-nieuw-de-oudejaarsconference/content/item?796183

https://isgeschiedenis.nl/nieuws/geschiedenis-van-de-oudejaarsconference

https://www.zwartekat.nl/oudejaarsconference/overzicht.php

VARAgids 51/52 (22 december 2018 tot 4 januari 2019)

“Stille Nacht” – een kerstlied is jarig

 

“Stille nacht”, een van de populairste kerstliederen ter wereld, wordt dit jaar 200 jaar. Het is inmiddels in meer dan 140 talen vertaald, en in sommige talen bestaan zelfs meerdere versies (http://silentnight.web.za/translate/). Toen ik vorig jaar kerst bij mijn Familie in Zuid-Duitsland doorbracht, ontdekte ik in de krant een mooi verhaal over dit lied.

Hoe is het lied ontstaan? 

Het jaar 1816, toen de napoleontische oorlogen net voorbij waren, werd ook “het jaar zonder zomer” genoemd, omdat het heel lang koud was en sneeuwde. De oogst was mislukt en de bevolking leed honger. In die tijd schreef Joseph Mohr, priester in een klein dorp ten zuiden van Salzburg (Oostenrijk), een hoopvol gedicht een borg het op in de lade van zijn bureau.

Twee jaar later, Mohr was inmiddels priester in Oberndorf ten noorden van Salzburg, weigerde op kerstavond het orgel van zijn kerk St. Nikolaus de dienst. En dat op kerstavond, wanneer heel veel mensen voor de nachtmis verwacht werden! Hij herinnerde zich aan het gedicht dat hij eerder geschreven had, en vroeg aan de kerkmusicus Franz Gruber, om het voor twee mannenstemmen en een gitaar op muziek te zetten, zodat er toch iets meer dan alleen gebeden en een preek zouden zijn.

De gemeente vond het prachtig, en zo veroverde het eenvoudige liedje de hele wereld. Maar Mohr en Gruber zelf maakten het helaas niet meer mee.

Waarom is het lied zo populair? 

Er wordt veel gespeculeerd waarom het juist met dit lied zo een geweldige vlucht nam. Een reden is waarschijnlijk, dat er geen elementen aan te pas kwamen, die naar één specifieke religie wijzen. Het gaat dus bijvoorbeeld niet over de verering van de Maagd Maria, wat de katholieken zo belangrijk vinden.

Het past ook heel goed bij de donkere dagen en de hoop dat het licht ooit weer komt. En het verwoordt heel mooi de wens naar rust en vrede.

En hoe zit het met de “Owie”?

Toen ik nog klein was, hoorde ik op de radio een leuk verhaal (uiteraard in het Duits): Een jongen die het op school niet bepaald goed deed, wilde ook een keer en sticker voor een goed gemaakte opdracht. Voor de kerst moesten de leerlingen een tekening over het lied “Stille Nacht” maken. Bij de meeste kinderen zag je het gebruikelijke tafereel met Maria, Jozef, het kindje, de herders, os en ezel. Maar op de tekening van de jongen stond er nog een aardappelachtig mannetje met een brede lach achter de kribbe.

Op de vraag van de meester hoe hij daarbij kwam zei de jongen: “Dit is de Owie. In het tweede couplet zingen ze toch “Gottes Sohn, o wie lacht [Lieb aus deinem göttlichen Mund]”. (Voor de niet Duits-sprekenden: Zoon van God, o, hoe lacht [de liefde uit jouw goddelijke mond]. De meester moest eveneens lachen, en de jongen kreeg eindelijk zijn begeerde sticker.

Uiteraard vond ik dit verhaal toen heel grappig, en er gaat nog steeds geen kerstavond voorbij, zonder dat dit stukje ook een brede glimlach op mijn gezicht tovert.

Ik wens iedereen fijne feestdagen, het liefst vol rust en vrede en met een glimlach, en een goed, gezond en gelukkig 2019.

 

Stille nacht – met Glühwein.